Verandering in de wijkverpleging? Meer zorg op maat
Moderator ‎07-05-2015 17:28
Moderator

Dit jaar vinden er grote veranderingen plaats in de zorg. Onder andere in de wijkverpleging. Voorheen was dit onderdeel van de AWBZ en kochten zorgkantoren deze zorg in. Nu is de wijkverpleging onderdeel van de basisverzekering. Dit gaat gepaard met flinke bezuinigingen. Wijkverpleegkundigen en patiënten zijn ongerust en vrezen dat er te weinig ruimte is voor zorg. In tegendeel: de veranderingen resulteren juist in zorg op maat.

 

Bert Zweerts is zorginhoudelijk kwaliteitsadviseur bij Zilveren Kruis. Hij weet alles van het nieuwe systeem. Zweerts: “Tot 2015 bepaalde het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) aan de hand van ingewikkelde regels welk pakket aan zorg iemand nodig had. Meestal was dit een beoordeling op afstand. Vanaf dit jaar bekijkt de wijkverpleegkundige welke zorg iemand nodig heeft. Daarbij wordt nadrukkelijk gelet op wat iemand zelf nog kan of met hulp van familie, vrienden buren kan regelen.”

 

Wat blijkt? Patiënten zijn vaak niet blij met de nieuwe regels. In totaal wordt er namelijk minder zorg geleverd. Patiënten moeten meer zelf gaan regelen. Dat hebben de overheid, de brancheverenigingen van zorgaanbieders en de vereniging van zorgverzekeraars met elkaar afgesproken. “Mensen zijn gewend dat ze bepaalde zorg krijgen en het is dan een flinke aanpassing als daar iets vanaf gehaald wordt.”

 

Nieuwe indicatie

Omdat er op een nieuwe manier gekeken wordt welke zorg iemand nodig heeft, is er ook een nieuwe indicatie nodig. Niet meer zoals vroeger met veel formulieren, maar via een gesprek tussen de wijkverpleegkundige en de patiënt. Zij bekijken of het bestaande zorgplan past bij de situatie.

 

In die gesprekken komen nu soms bijzondere dingen naar boven, aldus Zweerts. “Een wijkverpleegkundige evalueerde de zorg bij een patiënt die al maanden twee keer in de week werd geholpen met douchen. Op de vraag: ‘Hoe verzorgt u zich op de dagen dat wij er niet zijn?’ antwoordde de cliënt: ‘Dan ga ik zelf in bad.’ Deze persoon kon dus, op zijn eigen manier, goed voor zichzelf zorgen. Ook zijn er voorbeelden van patiënten die jaren lang hulp kregen bij het aan- en uittrekken van steunkousen. Met een hulpmiddel konden deze patiënten dit vrij snel weer zelfstandig. Dit verandert de zorgindicatie.”

 

Stress bij wijkverpleegkundigen

Wijkverpleegkundigen ervaren een hogere werkdruk. Zij geven aan dat ze veel administratie moeten doen. Soms zelfs meer dan de bedoeling is. Thuiszorgorganisaties vragen soms namelijk veel administratie van hun verpleegkundigen. De organisaties zijn bang dat ze anders niet kunnen bewijzen dat de zorg die zij leverden wel echt nodig is. “Maar die angst is ongegrond. Wij vragen helemaal niet om eindeloze stapels formulieren. De wijkverpleegkundige bespreekt met de patiënt welke zorg er nodig is en schrijft dat op. Natuurlijk moeten we wel beoordelen of de zorg echt nodig was. Als een organisatie veel meer zorg levert dan gemiddeld, dan gaan we in gesprek. Meestal is er een goede reden, bijvoorbeeld omdat er veel zorg geleverd wordt aan patiënten met een complex ziektebeeld. Dat blijkt dan uit het zorgplan en niet uit een enorme berg administratie.”

 

Daarnaast was het begin van dit jaar een drukke periode voor sommige wijkverpleegkundigen. Er moesten namelijk nieuwe indicaties worden vastgesteld. Meestal lukte het om op tijd alle indicaties te doen. Alleen in een enkel geval niet. “Toen hebben we samen met de thuiszorgorganisatie naar een oplossing gezocht. Bijvoorbeeld door HBO-verpleegkundigen tijdelijk te laten ondersteunen door MBO4-verpleegkundigen.” Door de nieuwe indicatiestellingen verdwijnen de standaard pakketten en komt er ruimte voor zorg op maat. “De wijkverpleegkundige staat weer aan het roer.”

 

365x290-herindicatie_blog_thumb.jpg